Vraag 7Skûtsjesilen
4 punten

De afmetingen van de deelnemende skûtsjes zijn niet identiek. Om er toch een eerlijke wedstrijd van te maken, wordt voor elk skûtsje het maximaal toegestane zeiloppervlak berekend. In eerste instantie rekende de SKS met formule Amels, maar deze formule is in 2000 aangepast en opnieuw aangepast in 2016:

S=1,90L(B+2D)(formule Amels)S = 1{,}90 \cdot L \cdot (B + 2D) \qquad \text{(formule Amels)}
S=2,15L(B+2D)(formule 2000)S = 2{,}15 \cdot L \cdot (B + 2D) \qquad \text{(formule 2000)}
S=2,15L(23B+1,252D)(formule 2016)S = 2{,}15 \cdot L \cdot \left(\tfrac{2}{3}B + 1{,}25\sqrt{2D}\right) \qquad \text{(formule 2016)}

Hierin is SS het maximaal toegestane zeiloppervlak in m², LL de lengte van het skûtsje, BB de breedte en DD de diepgang (LL, BB en DD in meters).

Figuur 1 bij vraag 7
Klik om te vergroten

Een van de skûtsjes is 17,13 m lang en 3,57 m breed en mag volgens formule 2000 een maximaal zeiloppervlak van 160,2 m² hebben. Bereken hoeveel m² zeiloppervlak dit skûtsje volgens formule 2016 meer mag hebben dan volgens formule 2000. Geef je antwoord in één decimaal.

Maak je uitwerking op papier

Upload daarna een foto voor AI-beoordeling