Vraag 15Fiets
6 punten

Het comfort en het rijgedrag van een fiets worden in belangrijke mate bepaald door de framegeometrie. Naast de lengte van de verschillende buizen waaruit een frame bestaat, gaat het bij de framegeometrie ook om de hoeken waaronder de verschillende buizen staan.

In figuur 2 is een tekening van het frame van de fiets van figuur 1 gegeven.

De bijbehorende maten zijn:

  • de liggende achtervork: AB=425AB = 425 mm;
  • de staande achtervork: AF=542AF = 542 mm;
  • de hoek die de liggende en de staande achtervork met elkaar maken: BAF=58°\angle BAF = 58°;
  • de hoek die het verlengde van de stuurbuis DEDE met het verlengde van ABAB maakt: BCE=71°\angle BCE = 71°.

De zitbuis BFBF en de stuurbuis DEDE zijn bijna evenwijdig. Als ze evenwijdig zouden zijn dan zou de hoek die BFBF met de lijn door ABAB maakt even groot moeten zijn als BCE\angle BCE. Deze hoeken verschillen echter.

Figuur 1 bij vraag 15
Klik om te vergroten
Figuur 2 bij vraag 15
Klik om te vergroten
Figuur 3 bij vraag 15
Klik om te vergroten

Bereken dit verschil. Geef je eindantwoord in hele graden.

Maak je uitwerking op papier

Upload daarna een foto voor AI-beoordeling