Wiskunde A 2019 · Tijdvak 1/
Groningse aardbevingen
3 pt
Vraag 18Groningse aardbevingen
3 punten

In een rapport van het Staatstoezicht op de Mijnen wordt geconstateerd dat er een duidelijk verband is tussen de magnitude en het percentage aardbevingen boven die magnitude. In figuur 3 is dat verband weergegeven. Zo is bijvoorbeeld af te lezen dat 10% van de aardbevingen een magnitude boven de 1,0 heeft.

Bij deze grafiek hoort de volgende formule:
N=10aMN = 10^{a-M}
Hierbij is MM de magnitude en NN het percentage van de aardbevingen boven magnitude MM.

Figuur 1 bij vraag 18
Klik om te vergroten
Figuur 2 bij vraag 18
Klik om te vergroten
Figuur 3 bij vraag 18
Klik om te vergroten

Laat met een berekening zien dat geldt: a=2a = 2.

Maak je uitwerking op papier

Upload daarna een foto voor AI-beoordeling