Wiskunde B 2019 · Tijdvak 2/
NK Tegenwindfietsen
5 pt
Vraag 8NK Tegenwindfietsen
5 punten

Om tegen de wind in te fietsen, moet je flink hard trappen. In deze opgave gaan we ervan uit dat de snelheid van een fietser constant is en dat de snelheid van de tegenwind constant is. Als je op een vlakke weg tegen de wind in fietst, moet je vermogen leveren. Je kunt dit vermogen als volgt berekenen:

Pvlak=0,00386v(v+vwind)2P_{\text{vlak}} = 0{,}00386 \cdot v \cdot (v + v_{\text{wind}})^2

Hierin is PvlakP_{\text{vlak}} het vermogen in watt (W), vv de snelheid van de fietser in km/uur en vwindv_{\text{wind}} de snelheid van de tegenwind in km/uur. Zowel vv als vwindv_{\text{wind}} zijn positief.

Elk jaar wordt – als het hard genoeg waait – het NK (Nederlands Kampioenschap) Tegenwindfietsen georganiseerd. Hierbij fietsen de deelnemers 8,5 km tegen de wind in.

In 2016 werd het NK Tegenwindfietsen gewonnen door Teun Sweere in een tijd van 22 minuten en 30 seconden bij een tegenwind met een snelheid van 80 km/uur.

Stel dat Sweere bij een toekomstige deelname aan het NK Tegenwindfietsen een tegenwind heeft met een snelheid die 5% groter is dan in 2016, maar dat hij met dezelfde snelheid wil fietsen als in 2016. Hij zal dan een groter vermogen moeten leveren dan tijdens de wedstrijd in 2016.

Figuur 1 bij vraag 8
Klik om te vergroten

Bereken hoeveel procent méér vermogen hij dan zou moeten leveren. Geef je eindantwoord als een heel getal.

Maak je uitwerking op papier

Upload daarna een foto voor AI-beoordeling