Vraag 5IJsbol
5 punten

De snelheid waarmee een ijsklontje smelt, hangt onder andere af van de verhouding tussen de oppervlakte AA in cm² en het volume VV in cm³ van het ijsklontje.

Er zijn ook bolvormige ijsklontjes ofwel ijsbollen. Voor een bol met straal rr gelden voor AA en VV de formules A=4πr2A = 4\pi r^2 en V=43πr3V = \dfrac{4}{3}\pi r^3.

In een wiskundig model van het smelten van een ijsbol wordt ervan uitgegaan dat de ijsbol tijdens het smelten bolvormig blijft. De straal van de ijsbol is afhankelijk van de tijd. De straal van de ijsbol op tijdstip tt is r(t)r(t), met tt in minuten. Het volume van de ijsbol op tijdstip tt is dan V(t)=43π(r(t))3V(t) = \dfrac{4}{3}\pi (r(t))^3. In het model wordt er verder van uitgegaan dat de formule van r(t)r(t) lineair is.

Een ijsbol heeft op tijdstip t=0t = 0 een straal van 1,51{,}5 cm. Op tijdstip t=10t = 10 is het volume van deze ijsbol gehalveerd. Vanaf een bepaald tijdstip is er geen ijs meer aanwezig.

Figuur 1 bij vraag 5
Klik om te vergroten
Figuur 2 bij vraag 5
Klik om te vergroten

Bereken vanaf welk geheel aantal minuten er voor het eerst geen ijs meer aanwezig is.

Maak je uitwerking op papier

Upload daarna een foto voor AI-beoordeling