In de zesde eeuw voor Christus vonden de Grieken de bouwkraan uit, waarmee je zware voorwerpen kunt optakelen. De kraan bestaat uit: een paal van 9 meter, die kan scharnieren om ; een kabel met een lengte die aangepast kan worden; een kabel recht omlaag vanuit met een lengte die aangepast kan worden. Verder geldt: de afstand tussen en is 5,5 meter; het te verplaatsen blok hangt aan de kabel ergens onder .
Zoals in figuur 1 is te zien, moet het blok 2,5 meter naar links worden verplaatst. Kabel moet dus zo veel langer worden dat de afstand tussen en met 2,5 meter toeneemt. Figuur 2, de beginsituatie, staat ook op de uitwerkbijlage.


Bereken algebraïsch de lengte van kabel in de situatie van de figuren 1c en 1d. Geef je eindantwoord in meters in één decimaal. Je kunt hierbij de figuur op de uitwerkbijlage gebruiken.
Maak je uitwerking op papier
Upload daarna een foto voor AI-beoordeling
Jouw persoonlijke AI tutor
Laat mij je helpen deze vraag beter te begrijpen
Docent
Stelt je vragen, geeft geen antwoorden